Schade in een huurwoning leidt snel tot discussie. Wie betaalt? Wat valt onder normale slijtage? Mag je de huurwaarborg inhouden?
TL;DR: bij huurschade bepaalt de oorzaak wie betaalt. De verhuurder staat in voor structurele herstellingen en een bewoonbare woning; de huurder voor dagelijks onderhoud en schade door eigen fout. Normale slijtage is voor de verhuurder. De huurwaarborg mag enkel worden ingehouden bij bewezen schade. Een correcte plaatsbeschrijving voorkomt discussies.
Schade in een huurwoning betekent niet automatisch dat de verhuurder moet betalen. Maar het betekent ook niet dat hij achterover kan leunen. Als verhuurder heb je duidelijke rechten. En minstens even duidelijke plichten.
Een woning moet veilig en bewoonbaar zijn. Problemen aan het dak? Scheuren in de gevel? Elektriciteit die niet conform is? Structurele vochtproblemen? Dat valt onder de verantwoordelijkheid van de verhuurder.
Zodra de woning niet meer normaal gebruikt kan worden, moet er ingegrepen worden. Daar ligt een duidelijke herstellingsplicht.
Grote en structurele herstellingen zijn voor de verhuurder. Dat geldt ook voor defecten aan vaste installaties door ouderdom en gebreken die comfort of veiligheid aantasten.
De precieze verdeling kan verschillen per gewest, maar alles wat de structuur van het gebouw raakt, behoort tot de verantwoordelijkheid van de verhuurder.
Een plaatsbeschrijving legt de staat van de woning vast bij intrek en vergelijkt die toestand opnieuw bij vertrek. Zo kan eventuele schade objectief worden vastgesteld en correct worden toegewezen.
Met een professionele plaatsbeschrijving beschik je over duidelijk en juridisch bruikbaar bewijs. Dat beschermt zowel huurder als verhuurder en voorkomt onnodige discussies.
Lees ook: is een plaatsbeschrijving verplicht?
De verhuurder moet zijn gebouw verzekeren, meestal via een opstalverzekering. Die komt tussen bij structurele brand-, storm- of waterschade, afhankelijk van de polis.
Een huurovereenkomst moet schriftelijk worden opgesteld met duidelijke afspraken over huurprijs, duur, kosten en verplichtingen.
Daarnaast moet het contract binnen 2 maanden na ondertekening worden geregistreerd (via MyRent/MyMinfin). Dat is verplicht. Gebeurt dat niet, dan riskeer je sancties en verlies je bepaalde juridische bescherming.
Wanneer je een woning verhuurt, moet je bij de start van de huur verschillende verplichte attesten en keuringen voorleggen. Denk aan het EPC-attest, een elektriciteitskeuring (indien van toepassing) en eventuele conformiteits- of veiligheidsattesten volgens de regels van jouw gewest.
De huurder heeft recht op rustig en ongestoord gebruik van de woning. Als verhuurder mag je de woning niet zomaar betreden. Dat kan enkel in wettelijk toegelaten situaties, zoals noodzakelijke herstellingen of vooraf afgesproken bezoeken.
Als huurder heb je niet alleen rechten, maar ook duidelijke verantwoordelijkheden. Je moet de woning zorgvuldig gebruiken, correct onderhouden en schade die je zelf veroorzaakt herstellen of vergoeden. Bij discussie over huurschade wordt altijd gekeken of je jouw verplichtingen bent nagekomen.
Als huurder moet je de woning zorgvuldig gebruiken en onderhouden. Dat betekent dat je instaat voor het dagelijks onderhoud en kleine herstellingen tijdens de huurperiode.
Bij het einde van de huur moet je de woning achterlaten in dezelfde staat als bij aanvang, rekening houdend met normale slijtage.
Het recht om een woning te bewonen brengt een duidelijke verplichting mee: de huur betalen. De huurder moet de huur en eventuele bijkomende kosten stipt voldoen volgens de afspraken in het huurcontract.
Laattijdige of onregelmatige betalingen kunnen leiden tot aanmaningen, intresten of zelfs juridische stappen.
Een huurwaarborg is niet wettelijk verplicht, maar wordt in de meeste huurcontracten opgenomen. Zodra ze contractueel is vastgelegd, ben je verplicht ze te betalen.
De waarborg dient als financiële zekerheid voor de verhuurder bij schade of wanbetaling.
Een gehuurde woning moet verzekerd zijn. De verhuurder verzekert het gebouw, de huurder verzekert zijn inboedel en is in de meeste gevallen verplicht een brandverzekering met dekking voor huurschade af te sluiten.
Welke verzekering tussenkomt bij schade hangt af van de oorzaak en de vastgestelde aansprakelijkheid.
Om te bepalen wie moet betalen, moet je eerst kijken naar de oorsprong van de schade. Die oorzaak bepaalt de aansprakelijkheid
Is ze het gevolg van onzorgvuldig gebruik, dan ligt de verantwoordelijkheid bij de huurder. Denk aan een kapotte ruit, diepe krassen in de vloer of een verstopte afvoer door verkeerd gebruik.
Gaat het om slijtage die vanzelf ontstaat na jaren normaal wonen, dan hoort dat bij het eigenaarschap. Verf die doffer wordt of een vloer die langzaam slijt, zijn geen fouten maar gebruikssporen.
En dan zijn er situaties waar niemand echt schuld treft, zoals een technisch defect of een onverwachte externe gebeurtenis. In zulke gevallen verschuift de verantwoordelijkheid meestal naar de eigenaar, tenzij kan worden aangetoond dat slecht onderhoud meespeelde.
Naast hun verplichtingen hebben zowel huurder als verhuurder ook duidelijke rechten. Die zorgen voor evenwicht in de huurrelatie.
Niet elke discussie over huurschade raakt meteen opgelost. Wanneer huurder en verhuurder het oneens blijven over de oorzaak of de kosten, is overleg altijd de eerste stap. Veel conflicten verdwijnen zodra de feiten duidelijk op tafel liggen en beide partijen beschikken over objectieve vaststellingen, zoals een correcte plaatsbeschrijving of foto’s
Kom je er samen niet uit, dan kan je terecht bij de vrederechter voor een verzoeningszitting. In complexere dossiers kan een gerechtsdeskundige worden aangesteld om de oorzaak van de schade vast te stellen.
Twijfel je over jouw rechten of positie? Dan kan gespecialiseerd juridisch advies helpen om sterker en met meer duidelijkheid het gesprek of de procedure in te gaan.
Een huurder moet niet automatisch herschilderen bij het einde van de huur. De woning moet worden opgeleverd in dezelfde staat als bij intrek, rekening houdend met normale slijtage.
Is de verf na enkele jaren doffer geworden door normaal gebruik, dan valt dat onder slijtage en is herschilderen niet verplicht.
Wel moet de huurder herschilderen wanneer:
Een huurder heeft recht op rustig en ongestoord gebruik van de woning. De verhuurder mag de woning dus niet zomaar betreden.
Toegang moet altijd gebeuren in onderling overleg en op redelijke tijdstippen. De huurder kan onaangekondigde of onredelijke bezoeken weigeren.
Wel moet de huurder toegang toestaan voor:
De toegang mag niet misbruikt worden en moet steeds proportioneel blijven.
Ja, maar niet zomaar. De huurwaarborg mag enkel worden aangesproken wanneer er bewezen schade is waarvoor de huurder aansprakelijk is.
De schade moet aantoonbaar zijn, meestal via de plaatsbeschrijving bij intrek en vertrek. Zonder bewijs kan de waarborg niet eenzijdig worden ingehouden.
Wanneer niet meteen duidelijk is hoe de schade is ontstaan, moet eerst de oorzaak worden onderzocht. Foto’s, de plaatsbeschrijving en eventuele technische verslagen spelen hierbij een belangrijke rol.
In complexe gevallen kan een expert of gerechtsdeskundige worden aangesteld om de oorzaak objectief vast te stellen.
De huurder is verantwoordelijk voor het dagelijks onderhoud van de woning. Dat omvat onder meer schoonmaak, klein onderhoud en herstellingen die voortvloeien uit normaal gebruik.
Denk aan het onderhoud van de verwarmingsketel, het vegen van de schoorsteen, tuinonderhoud en kleine herstellingen. Deze verplichtingen zijn wettelijk bepaald en worden per gewest verder verduidelijkt in herstellingenlijsten.
Bij huurschade draait alles om bewijs, oorzaak en correcte afspraken. Ken je rechten en plichten, reageer tijdig bij problemen en zorg voor duidelijke documentatie.
Wil je discussies over schade en huurwaarborg vermijden? Dan begint alles bij een correcte en gedetailleerde plaatsbeschrijving. Daarmee leg je de staat van de woning objectief vast bij intrek en vertrek.
Neem contact op en krijg helder advies over jouw dossier.